Zelfbeeld en beeld van ‘de ander’

Als we het hebben over talent voor verbondenheid, dan hebben we het over een instinct tot overleven.  Of er nu een gunstig of een ongunstig hechtingsklimaat is, hechting vindt, hoe dan ook, plaats. In het ene geval gaat het om veilige, in het andere geval om onveilige hechting. Eenzelfde soort tweedeling is terug te vinden in de beelden die wij -op grond van deze ervaringen- dus al heel jong, ontwikkelen over onszelf en ‘de ander’. Diep gewortelde overtuigingen waarvan we ons meestal totaal niet bewust zijn, maar die in hoge mate bepalen hoe wij ons tot onszelf en tot de wereld verhouden: ‘ik ben om van te houden’ – versus ‘ik voldoe niet’, ‘ik krijg aandacht en liefde – versus  ‘ik moet (van alles en nog wat doen) om aandacht en liefde te krijgen’, ‘de mensen om mij heen zullen mij steunen als ik dat nodig heb’ – versus ‘er is niemand voor mij, ik zal het alleen moeten doen’.